• darkblurbg
  • darkblurbg
  • darkblurbg

EEN HALVE EEUW SCORE MAGAZINE

ZOALS BELEEFD DOOR EEN FILMCOMPONIST - Ik vond eigenlijk nog niet eens dat ik mij met de titel “Nederlands filmcomponist” mocht tooien, toen ik in najaar 1983 gebeld werd door een mij geheel onbekende heer genaamd Julius Wolthuis. Ik had die zomer voor het eerst een Nederlandse lange speelfilm van muziek mogen voorzien: An Bloem, geregisseerd door Peter Oosthoek.

Dat ik die muziek had mogen schrijven was enigszins voor de hand liggend, want ik had met Oosthoek als toneelregisseur al een decennium lang heel plezierig samengewerkt bij zijn Toneelgroep Centrum. Maar na wat kleiner werk in de branche was het voor het eerst dat ik echt filmmuziek had mogen schrijven, en die dan ook nog eens uitgevoerd door het prominente Schönberg Ensemble onder leiding van Reinbert de Leeuw ….. (al was dat laatste ook lichtelijk nepotistisch, want dat waren ook geen onbekenden voor me: ik had sinds hun oprichting vaak met ze meegespeeld). Maar een en ander had geleid tot het uitbrengen van een elpee van mijn muziek voor deze film, en daar belde Julius over: hij wou me naar aanleiding daarvan interviewen voor zijn magazine Score.

Ik had dat magazine nog nooit onder ogen gehad, maar heb onmiddellijk gretig een abonnement erop genomen; en vanaf die dag gesmuld van deze voor mij nieuwe bron van kennis en informatie op het terrein van de filmmuziek. Wat sprak daar veel liefde en toewijding aan het onderwerp uit! Terwijl het in zijn geheel gevuld bleek te worden met bijdragen van non-professionals, namelijk verwoede liefhebbers van het genre filmmuziek. Met extra aandacht voor de Nederlandse tak daarvan ook nog!

In die tijd van lang vóór het internet was je absoluut aangewezen op elk snippertje kennis dat je kon vergaren uit tijdschriften, de meeste uit het verre buitenland. Ik bezat ook wel wat boeken over het onderwerp, maar nu werd je een aantal malen per jaar getrakteerd op de meest actuele informatie op dit terrein! De Nederlandse filmindustrie was volwassen aan het worden, en daarmee ook het niveau van de Nederlandse filmmuziek ..... Er waren fantastische scores uitgekomen van bijvoorbeeld Rogier van Otterloo, Ruud Bos, Willem Breuker, Loek Dikker en Otto Ketting, grote vakmensen die razend interessante muziek hadden geschreven voor voortreffelijk gemaakte films. In dit voor mij nieuwe magazine verschenen daar gedetailleerde en toegewijde artikelen over die ik verslond. Het heeft mij als componist zeker enorm geholpen om zo uitgebreid over al deze vakmensen te kunnen lezen!

Ik denk dat het tekenend is dat bij het doorkijken van al die jaargangen (ik heb ze allemaal nog op papier vanaf toen, totdat het magazine online ging) blijkt dat de redactie extreem standvastig is gebleven ….. dezelfde groep rond Julius is met grote inzet steeds boeiende artikelen blijven bijdragen. Dat heeft me zeker ook geïnspireerd om later samen met onder anderen Loek Dikker en Rens Machielse een beroepsvereniging op te richten voor film- en media-componisten (het werkterrein breidde zich steeds sneller uit van film naar televisie en de jonge digitale media), er kwamen opleidingen tot filmcomponist, eerst op de HKU en daarna ook op andere conservatoria, we kregen poot aan de grond bij instanties als Buma/Stemra, kortom, het hele vak van filmcomponist breidde zich uit als een olievlek.

In 1996 verscheen een van de hoogtepunten uit het bestaan van de stichting Cinemusica die ten grondslag lag aan het magazine: een dubbel-cd met Nederlandse filmmuziek, genaamd The Alphabet of Dutch Film Music. Zoiets was nog nooit eerder vertoond! Die stichting Cinemusica was een vervolg van The Max Steiner Music Society, opgericht in 1971 en destijds nog geheel gewijd aan het œuvre van deze historische grondlegger van de internationale filmmuziek. Ik vind het een mooie gedachte dat op dat moment Bernhard Herrmann, mijn persoonlijke grootste idool binnen de filmmuziek, nog leefde – en zelfs de score voor Taxi Driver nog moest schrijven!

In Nederland was er in 1971 nog niet zo heel veel filmmuziek gecomponeerd – vooral ook omdat er nog maar aarzelend een handjevol redelijke speelfilms was gemaakt. We hadden Jan Mul gehad voor Fanfare, Jurriaan Andriessen voor Dorp aan de rivier. Blue Movie, in datzelfde jaar een grote hit, had nog muziek van een onbekende Duitse componist gehad – die eigenlijk een acteur in die film was en muzikaal wat bijbeunde. Nederland had nog een enorme inhaalslag te maken, maar ik denk dat de gedrevenheid van de mensen van Score daar een belangrijke bijdrage aan heeft geleverd in de afgelopen halve eeuw. Nu hebben we bijvoorbeeld al een aantal zeer succesvolle edities gehad van de Avond van de Filmmuziek – live met groot orkest in het Concertgebouw, vervolgens zelfs uitverkocht in de Ziggo Dome; het onderwerp is ongelooflijk gaan leven bij een groot publiek, ook de klassieke zender NPO Radio 4 heeft inmiddels zijn jaarlijkse Week van de Filmmuziek in februari. Namen als Ennio Morricone en John Williams bezitten popstatus en staan garant voor gigantische verkoopsuccessen.

We moeten eraan blijven denken dat vijftig jaar geleden aandacht voor filmmuziek verre van gewoon was ….. dat je daar een paar leuke enthousiaste maniakken voor nodig had die al hun vrije tijd wilden steken in dit mooie onderwerp. Dank jullie wel, Julius Wolthuis, Paul Stevelmans, Robert Valkenburg, Albert Pouw, Henk Maassen – en extra dank aan de ons zo geheel onverwacht en verdrietig ontvallen Sijbold Tonkens, de grootste Morricone-kenner en verzamelaar ter wereld – namens al mijn componerende collega’s door vele generaties heen, zeker ook namens de allerjongste aanstormende talenten!

En lang leve het jubilerende, inmiddels vijftig lentes jonge Score Magazine, en de stichting Cinemusica, en de filmmuziek!

Bob Zimmerman (foto: Anne Dokter).