• darkblurbg
  • darkblurbg
  • darkblurbg

INTERVIEW MET KARL HEORTWEARD

MUZIEK VOOR ROMANTISCHE KOMEDIES - Komedies zijn een geliefd en broodnodig genre, vooral in deze onzekere tijden. De productie ervan is niet eenvoudig: acteurs moeten een onfeilbaar gevoel voor timing hebben en de scenarioschrijvers moeten als het ware over een zevende zintuig beschikken. Ook de muziek voor dit geliefde genre is bepaald geen sinecure. Daarover kan Karl Heortweard meepraten. Hij schreef de score voor Casanova’s die dezer dagen in de bioscopen in roulatie is gegaan. Later deze maand kan worden genoten van zijn muziek voor het tweede seizoen van de tv-serie Project Rembrandt. Met Score sprak hij onlangs over deze en andere projecten.

Casanova’s van Jamel Aattache is een zogeheten coronaproductie, die tot stand kwam in de maanden maart tot en met juni van dit jaar, precies in de beklemmende crisismaanden. Nadat de intelligente lockdown op 1 juni deels werd opgeheven konden de opnamen van de romantische komedie inclusief coronaveiligheids- protocol en social distancing manager worden hervat. Componist Karl Heortweard (Almelo, 1988) bezocht de set in juni: ‛Ik ben een dag langs geweest. Normaal gesproken heb je veel figuranten op de achtergrond en dat moest nu veel meer worden gemanaged. De opnameleider had zo’n scherm voor, die moest constant de figuranten toespreken.’

Casanova’s is een romantische komedie over mannen die een cursus versieren volgen om wat gemakkelijker een duurzame relatie met een vrouw aan te kunnen gaan. Heortweard schreef een gevarieerde score met orkestrale elementen evenals ruimte voor enkele akoestische instrumenten. ‛Er zitten zelfs beats in maar ook strijkers en heel veel gitaar en verder bandnummers, rock- en popstukken. Ik heb mij laten inspireren door de muziek van twee bands: de Duitse technobrassband Meute en de technobrasshouse van Too Many Zooz. Beide bands hebben brass-secties die op een housebeat spelen en in het geval van Meute in de vorm van een marching band.’ Heortweard zag tot groot genoegen op een feestje gedurende de Berlinale enkele jaren geleden een brasshouseband spelen. Die stijl combineerde hij met Afrikaanse percussie teneinde de oerdrift van mannen die op zoek gaan naar vrouwen weer te geven, precies zoals regisseur Aattache dat in de film presenteerde als antwoord van het sterke geslacht op de zelfverzekerder wordende vrouwen in het uitgaansleven. ‛Die combinatie van brass en percussie werd uiteindelijk een beetje beperkt omdat we iets meer richting romantische komedie gingen, waardoor de inzet van piano en strijkers de score iets softer maakte. Maar dat originele uitgangspunt zit er nog in; er zitten twee of drie stukken in die nog echt die brasshouse hebben. Dat is een heel interessant ingrediënt, dat voor mijn gevoel een leuk contrast vormt met de traditionele score van een romantische komedie, waarin je niet per se brasshouse zou verwachten.’

                                                                       Lieke van Lexmond en Jim Bakkum in Casanova's.

Doelgroep

Komedies zijn een genre op zich en romantische komedies al helemaal. Geheel onbekend was Heortweard niet met dit genre, want voor Rokjesdag (2016) van Johan Nijenhuis had hij enkele aanvullende stukjes gecomponeerd. Componeer je anders voor dit specifieke genre? ‛Ja. Meer dan bij andere films heb je bij romantische komedies een hele specifieke doelgroep en die brengt verwachtingen met zich mee. Op het moment dat je het teveel als dramafilm benadert, wordt het erg tragisch. Bij romantische komedies heb je grappige en romantische stukken naast dramastukken. Die combinatie, wanneer je dingen met elkaar contrasteert, maakt het tot een aardig, uniek genre.’ Prominent solo-instrument in Casanova’s is de akoestische gitaar die met name de speelse en luchtige verwikkelingen vaart geeft zoals de hilarische scène waarin de vier cursisten de tijdens de cursus opgedane kennis van het versieren in de praktijk moeten brengen. Ook diende het instrument als brugfunctie tussen de romantiek en de komedie. Over de rol van dit instrument: ‛Er zijn cues met alleen strijkers en wat piano erbij en dan weer met een echte band bestaande uit gitaar, bas en drums. Dan heb je stukken, waarbij dat een beetje door elkaar schuift en ik met verschillende gitaareffecten heb gespeeld om toch een unieke kleur daaraan te geven, maar ook om die dingen in elkaar over te laten gaan. En daarnaast is er de harp die meer een brug tussen een piano en een gitaar vormt en je in orkestrale sferen doet belanden. Normaal gesproken zit een gitaar niet bij een orkest, maar die kun je er best in gebruiken, en daarmee schuif ik dat een beetje heen en weer, zodat je niet denkt: dramatisch … dus orkest, en dan grappig … dus band. Je moet alles met elkaar combineren, zodat het als een logisch geheel wordt aangevoeld en dat is de extra uitdaging.’

En dan is er de source muziek waar je als componist rekening mee moet houden. ‛Die komt bij romantische komedies heel veel voor. Daar moet je over nadenken: wat is de sound van die extra muziek en hoe gaat mijn muziek daarbij aansluiten? In de film zit een uitgaanssequentie, die begint met twee derde bestaande nummers en dan komt mijn nummer erachteraan. Dat moet vloeiend in elkaar overgaan en niet zomaar in één keer, want dan krijg je opeens iets raars. Dat is best wel een gepuzzel. En wat te denken van cafémuziek: dan hoor je muziek en dan moet de score het opeens overnemen, maar hoe dan? En dan weer terug naar de cafémuziek en dan weer terug naar de score, dat vind ik behoorlijk lastig.’ Bestaande nummers worden doorgaans gebruikt gedurende montage-sequenties. Regisseur Aattache liet die alle door zijn componist van muziek voorzien. ‛Dat zijn juist de leukste dingen om te doen, want dan heb je een minuutje of twee om uit te pakken. Dat draagt uiteindelijk bij aan de persoonlijkheid van de film, want hoe meer originele muziek je hebt, des te persoonlijker en origineler de film wordt. Ik ben dan ook blij dat hij mij die ruimte gaf om dat in te vullen en het vertrouwen om iets te maken wat nog beter is dan de muziek die er eerst lag.’

Net als de acteurs moet een componist bij komedies goed kunnen timen. ‛Klopt. Normaal gesproken zet je iets in en dan gaat het aardig met de scène mee. Je hebt dan een inpunt en een uitpunt. Bij een komedie heb je veel meer timingmomenten: dáár moet het even stil zijn en dáár moet het weer beginnen; dan heb je over de hele cue verschillende punten die je moet raken en zo wordt timing veel belangrijker.’ Romantische komedies worden – terecht of onterecht – vooral gemaakt voor een vrouwenpubliek. Heb je daar nog rekening mee gehouden? ‛Ook al is er een man in de hoofdrol, het perspectief ligt toch wel bij vrouwen. Dan wil je met de muziek toch iets milder uitpakken en iets meer op de romantiek gaan zitten. In eerste instantie wilde ik helemaal geen strijkers of piano gebruiken. Dat was voor mijn gevoel de uitdaging, want muziek in romantische komedies wordt vooral door piano en strijkers uitgevoerd. Ik probeerde mij daar op een creatieve manier van los te weken, maar dat zijn wel dingen die in het verwachtingspatroon zitten. Dus moet je een piano hebben en bij de climax moet je een friemeltje hebben, waardoor het beeld compleet wordt. Bij een alternatieve film kun je besluiten dat je het heel anders gaat doen.’

Concept

Bij aanvang van de samenwerking met een regisseur komt Karl Heortweard altijd met een concept, voordat hij muziek gaat schrijven. Bij deze film was dat een tamelijk gedurfd concept, waarbij brassinstrumenten in enkele scènes de boventoon voerden. Ondanks de vele aanpassingen aan de doelgroep en het specifieke genre klinkt dat concept nog steeds door. ‛Ook al heb ik het iets meer naar het midden getrokken, dat oorspronkelijke concept van die brass zit er nog steeds in. Een romantische komedie met brassinstrumenten, dat hoor je niet zo vaak.’ De originele score kan worden beluisterd op alle streaming services. ‛De oorspronkelijke demo’s zijn volledig uitgewerkt, dus die komen op het album dat nog een staartje heeft bestaande uit enkele wat meer brutale tracks.’

                                                                                                 Karl Heortweard.

Heortweard heeft de laatste jaren voor de muziekopnamen een eigen aanpak ontwikkeld. ‛Ik neem meestal twee keer op: aan het begin- en aan het eindstadium. Het beginstadium is wat creatiever, waarbij ik de muzikanten wat meer vrijheid geef om invulling te geven aan bijvoorbeeld solo’s en om zelf ook creatief bij te dragen, maar net zozeer om de demo’s die ik naar de regisseur stuur beter vorm te geven.’ Net als filmopnamen zijn muziekopnamen in deze bizarre tijden geen eenvoudige opgave. ‛In dit geval was het allemaal op afstand. Tenzij ze moeten worden vervangen vanwege de filmopnamen, wordt in principe alles wat is opgenomen meteen onderdeel van de score. Die wordt langzamerhand telkens aangevuld in plaats van dat ik alles eerst schrijf en dan laat uitvoeren gedurende de opnamesessie.’ Je zou dit traject een work in progress kunnen noemen. ‛Ja, zeker met de gitaar. Ik heb iets van vijf of zes opnamesessies gehad met de gitaar. Om de drie weken zaten we weer te spelen.’

Karl Heortweard heeft een brede opleiding genoten. Na voltooiing van de opleiding Kunst en Cultuur in Almelo verhuisde hij naar Leeuwarden waar hij studeerde aan de Academie voor Popcultuur. ‛Daar heb ik zowel muziek als storytelling gestudeerd. Ik ben ook opgeleid tot theater/filmmaker, wat goed van pas komt bij toegepaste muziek. Als afsluiting heb ik mijn muziekstage in Stockholm gedaan.’ Die liep hij bij een componist die op een dag een film aangeboden kreeg, maar daar geen tijd voor had. Heortweard nam deze opdracht, de Indiase productie Love and Shukla (2017), van zijn mentor over. ‛Op dat moment leek het allemaal nog niet zo veelbelovend omdat de filmmaker nog nooit een bioscoopfilm had gedaan. De film was met een speelduur van tweeëneenhalf uur nog vrij lang en gesproken in Hindi. Naarmate het productiepro- ces vorderde begon de film zich steeds meer uit te kristalliseren.’ De film kreeg vervolgens een goede respons en werd op enkele buitenlandse filmfestivals vertoond en uiteindelijk verkocht aan Netflix.

Maar er was nog een andere buitenlandse film waaraan Heortweard in die periode werkte: de Albanese film Elvis Walks Home. ‛In twee maanden tijd heb ik beide films gedaan, dat was best een uitdaging. Het leek erop dat Love and Shukla mijn eerste film zou worden en toen kwam die andere er ineens vóór.’ Heortweard kwam bij Elvis Walks Home terecht via de geluidsontwerper Jaim Sahuleka die hij had leren kennen tijdens een compositieworkshop die hij in 2015 op het Nederlands Film Festival gaf. ‛Het jaar daarop kwam ik hem er weer tegen terwijl hij met Elvis Walks Home bezig was die hier in Nederland in postproductie was. De oorspronkelijke componist had geen tijd meer en daardoor moesten ze een nieuwe hebben die de klus in een paar weken van de grond moest krijgen. Toen zei ik: ja, prima (lacht). Ik wist natuurlijk niet hoe ik dat voor elkaar kreeg, maar ik ging er gewoon voor zitten en een paar weken later lag er een soundtrack.’ Zou je vaker voor buitenlandse projecten willen werken? ‛Ja, omdat de budgetten in Nederland beperkt zijn en er in het buitenland ook hele mooie dingen worden gemaakt. Op het moment dat je betrokken bent bij internationale coproducties, gaan die budgetten soms omhoog. Het lijkt me geweldig om wat meer in de Europese scene te zitten. Het is niet mijn bedoeling om binnen Nederland te blijven.’

Vibrafoon

Vorig jaar werkte Heortweard voor Whitestar al eens samen met Aattache. De ronduit orkestrale score voor deze film over de vriendschap van een meisje en haar paard kenmerkte zich door een melodische pracht. Helaas ontbraken de middelen om de muziek met een orkest op te nemen. Dat gemis compenseert de componist door bij elk project een key instrument te gebruiken. ‛Ik probeer bij elke film een exotisch instrument te gebruiken, ook al is dat misschien exotisch voor mij en niet voor een ander. Bij Whitestar was dat de vibrafoon.’ Daarnaast kon het televisiepubliek vorig jaar kennis maken met zijn muziek voor de populaire tv-serie Project Rembrandt. Welke instrumenten traden hier op de voorgrond? ‛Voor seizoen 1 heb ik viool, klarinet en fluit gebruikt. Dat was de basis setup, ik heb zelf piano gespeeld en de rest met digitaal orkest aangevuld.’ Deze maand volgt seizoen 2 van de serie. De muziek werd in het voorjaar al opgenomen. ‛Dit keer heb ik mij heel erg op de cello gefocust, een instrument dat ik nog nooit eerder heb opgenomen. Voor mij is dat dan een nieuwe uitdaging, hoewel cello natuurlijk een algemeen instrument is.’ Project Rembrandt heeft de naamsbekendheid van de componist binnen de industrie vergroot. Daarnaast ontving hij zowaar fanmail van iemand die via Spotify de muziek had ontdekt. ‛Alles wat ik doe zet ik op streaming services, ik heb geen film of serie gedaan die daar niet op staat. Project Rembrandt is een direct resultaat geweest van Love and Shukla. De regisseur heeft mij daadwerkelijk online gevonden en dacht toen: deze sound moeten we hebben voor Project Rembrandt.’

Echter, voordat we voor het beeldscherm plaatsnemen om het tweede seizoen van de schilderswedstrijd te aanschouwen, kan nog worden genoten van de door gitaar geleide score voor Casanova’s. Was dit jouw tot nu toe lastigste opdracht? ‛Ja. Enerzijds liep ik een maand vertraging op omdat er wat mis ging met mijn computer en interface waardoor ik de voorsprong kwijt was die ik normaal gesproken wil hebben doordat ik begin te schrijven terwijl ze al aan het schieten zijn. En even later werd het concept omgegooid. Dat is geen probleem, want het zou raar zijn als alles in één keer goed gaat. Voor Whitestar heb ik maar één track toegevoegd aan de demo’s die ik heb geschreven voordat ik de film had gezien. Voor de rest paste alles, dus vandaar dat ik ook klaar was op het moment dat de picturelock er was. Zoiets maak je maar één keer mee. Nu was het heel anders, bij de picturelock van Casanova’s had ik nog maar een derde van de muziek erin liggen, de rest moest nog worden geschreven. Dat was een totaal andere situatie, met nog maar vier weken op de klok, inclusief mix en opname.’

Ondanks de vele tegenslagen is het allemaal gelukt en dan hebben we het nog niet eens gehad over de onzalige coronamaatregelen die menige filmproductie dit jaar in de war hebben geschopt. Wie na de film alles nog eens rustig wil beluisteren, kan voor de uitgebreide score en andere prachtstukken van Heortweard altijd terecht op streaming services.

Paul Stevelmans