• darkblurbg
  • darkblurbg
  • darkblurbg

INTERVIEW MET HANNES DE MAEYER

DRIE SCORES VOOR DRIE LANDEN - In 2005 won Hannes De Maeyer de prijs voor de beste jonge Belgische componist tijdens de World Soundtrack Awards in Gent. Deze prijs werd uitgereikt in het kader van een wedstrijd voor jonge filmcomponisten. De laatste jaren timmert De Maeyer steeds meer aan de weg met films uit binnen- en buitenland en is hij hard op weg een grote naam te worden. Op dit moment loopt de serie Keizersvrouwen bij NPO 3 met zijn muziek en daarnaast heeft hij kortgeleden pers en publiek verrast met de heldhaftige score voor de Belgische oorlogsfilm Torpedo.

De serie Keizersvrouwen van regisseurs Ben Sombogaart en Dries Vos is sinds november wekelijks te zien op NPO 3. In deze eigentijdse dramaserie draait het om liefde, misdaad, familiegeheimen en om de schaduwkanten van de Amsterdamse prostitutiewereld. Hannes De Maeyer kende Sombogaart van de film Rafaël (2018) waarvoor hij een fijngevoelige score schreef. De muziek voor Keizersvrouwen heeft De Maeyer samen met de Fransman Eloi Ragot gedaan. De Maeyer over hun samenwerking: ‛Ik kende Eloi via het Filmfestival van Gent en dat klikte altijd goed. Zijn score voor de tv-serie La trêve vond ik heel interessant qua kleuren- en klankenspectrum. Verder speelt hij gitaar terwijl ik pianist ben, een combinatie die ik boeiend vond. Tot slot werk ik graag met orkesten en elektronica en daar experimenteer ik graag mee. Toen ik zijn werk hoorde, dacht ik: hij doet hetzelfde, maar dan op een andere manier, want iedereen heeft natuurlijk zijn eigen manier van werken. Kortom, het leek me wel een interessante samenwerking.’

De serie voltrekt zich grotendeels binnen drie leefwerelden: de huiselijke omgeving van hoofdpersonage Xandra Keizer (gespeeld door Karina Smulders), de prostitutiewereld en de daarmee verbonden criminele wereld. Hoe hebben jullie die drie leefwerelden qua muziek en ook qua stijl vormgegeven? ‛Het was heel belangrijk voor de regisseurs en voor Ian Ginn, de bedenker van de serie, dat die drie werelden een eigen sound hadden. Aldus zijn we begonnen met meerdere thema’s per wereld te creëren en die hebben wij als een soort van leidmotief of spiekbriefje gebruikt. De thema’s op zich blijven eigenlijk steeds gelinkt aan de respectievelijke werelden, maar de klanken onderling kunnen wel met elkaar worden gecombineerd. Dat was een klein beetje de achterliggende gedachte: als we nu de klanken door gaan trekken, kunnen de verschillende thema’s naar keuze aan elkaar worden gelinkt.’

                                                                          Karina Smulders (staand) in Keizersvrouwen.

Een concreet voorbeeld van deze aanpak is het gebruik van de piano in de diverse milieus: ‛Dat is een instrument dat gebruikt wordt voor de familie. Het familiethema is een heel mooi melodietje, maar die piano komt ook terug in bijvoorbeeld enkele thema’s van de onderwereld, maar dan vooral in de lagere regionen, als basnoten die dan meer als percussie worden gebruikt.’ In dit verband is het verwerken van geluids- en muziekeffecten in diverse stukken opmerkelijk. ‛Soms wilden we graag de grens tussen muziek en sounddesign wat verleggen. De score is op zich niet altijd heel melodieus, maar het komt soms heel genieperig binnen zonder dat je het echt merkt, en vandaar dat er ook veel sounddesignachtige klanken of effecten in zitten om juist die hybride structuur weer te geven.’ Hebben jullie die effecten zelf bedacht of heeft de sounddesigner nog een rol gespeeld? ‛Die heeft zeker een rol gespeeld, maar in de muziek zitten op zich ook geluidseffecten, dus het is moeilijk om te onderscheiden. Het is niet dat we die volledige rol hebben overgenomen, maar het is goed dat je het soms niet merkt en je je afvraagt: is het van de sounddesigner of van de componist? Het moet allemaal als één wereld aanvoelen: de muziek en het sounddesign, de acteerprestaties, de aankleding, de sfeer. We proberen altijd met het hele team tot één geheel te komen.’

Trage opbouw

De soundtrack van de serie verscheen eind november als download. In de openingstrack Main Titles die steeds aan het begin van elke aflevering te horen is kunnen we ook heel even vrouwenzang waarnemen. ‛Het is een serie over vrouwen en die zangstem is een beetje kreunend, wat een verwijzing naar de prostitutiewereld is, maar het klinkt ook als een lokroep van een sirene.’ Beide componisten knutselden soms vernuftige composities in elkaar, vaak een mix van elektronisch en enkele akoestische instrumenten. Een schitterend voorbeeld van zo’n lange compositie (I’m in Packaging op de download) is te horen in de tweede aflevering, wanneer een jonge vrouw zichtbaar moeite heeft met haar eerste bezoek aan een klant. ‛Dat is een scène die op muzikaal vlak heel veel verschillende versies heeft gehad. Het was moeilijk om dat juist te krijgen, want er gebeurt zoveel. Het meisje ziet het niet zitten en op gegeven moment maakt ze toch de klik en dan moet je dat ook in de muziek horen: ik ben eruit, ik wil er volledig voor gaan. Wat we geprobeerd hebben bij die scène is om het heel traag op te bouwen zonder bruuske overgangen. De verandering zetten we heel subtiel in met bijna minimalistische muziek.’

Ben Sombogaart mogen we inmiddels gerust als oude rot in het vak kwalificeren. Zijn eerste serie Allemaal tuig nam hij in 1981 op en zijn eerste speelfilm Mijn vader woont in Rio dateert alweer van 1989. Was hij erg betrokken bij de muziek? ‛Jazeker. Met zowel Ben als Dries, de tweede regisseur, is er heel veel overleg geweest over de muziek. Ik kende Ben natuurlijk van Rafaël en daar was hij ook heel nauw bij betrokken. Hij kwam dan bijvoorbeeld bij mij in de studio en dan probeerden we wat ideetjes uit. Lukte het niet, dan zei hij: probeer dat eens ... Maar ook toen ik bijvoorbeeld een eerste versie van aflevering 1 had gemaakt, kon hij erg in detail teruggaan in de tijd. Het is een regisseur die graag feedback geeft en dat bevalt mij.’

De Maeyers muziek is herkenbaar aan de melodie en het gebruik van thema’s. ‛Ik ben inderdaad meer een melodieuze componist dan enkel soundmatig maar het is moeilijk om zo’n stelling te doen, want elke film is anders en soms kun je ook met melodieën werken bij een film waarvan je denkt: eigenlijk werkt het niet en moet het meer minimalistisch worden. Maar het is wel iets wat veel in mijn scores terugkomt: herkenbare melodieën en verschillende thema’s. Die herkenbare thema’s hang ik graag aan een personage of een bepaalde situatie of wat dan ook.’ Is het vergeleken met films, waar de muziek vaak fragmentarisch voorkomt, een heel groot voordeel dat je in een serie de muziek wat meer kunt uitspreiden? ‛Ja, je kunt de muzikale bogen of lijnen iets meer uitwerken. En ja, als je bepaalde thema’s in films met een tijdspanne van anderhalf tot twee uur wilt introduceren, dan gaat dat wel erg snel.’

                                                       Hilde van Mieghem en Thijs Römer in Keizersvrouwen.

Was dit een geheel elektronische score of hebben jullie ook akoestische instrumenten opgenomen? ‛Er zijn ook instrumenten gebruikt zoals strijkers die we ook hebben gemixt met elektronica, maar er werden ook gitaren gebruikt. Een heel specifiek geluid dat ik heel leuk vind is de akoestische gitaar waarbij ik met een vioolboog over de snaren strijk. Dat is een typerend geluid dat ik in de hele score laat terugkomen. Tja, als je niet weet dat het een gitaar is, dan weet je eigenlijk niet wat je hoort: is het nu elektronisch of is het akoestisch? Het kan eng klinken en heel vals en dan wordt het een heel onaards geluid, zoals bijvoorbeeld in Recap, dat is het laatste nummer van de soundtrack. Het betekende voor ons heel veel proberen, want het is moeilijk om zo te spelen.’ Het snerpende, krassende geluid van het door De Maeyer ongebruikelijke bespelen van de gitaar wekt bij de kijker inderdaad een gevoel van ongemak en spanning op. ‛Dat was inderdaad zeker één van de belangrijkste functies van de muziek. Ook al gaat het om een gewone scène tussen moeder en dochter, dan is er altijd wel iets dat wringt; de muziek moest dat versterken.’

Adil en Bilall

Hannes De Maeyer heeft in zijn woonplaats Gent Muziekproductie aan de KASK & Conservatorium School of Arts gestudeerd. Na voltooiing van deze studie was hij assistent van filmcomponist Steve Willaert. Een belangrijke ontmoeting was die met Adil El Arbi en Bilall Fallah, twee aanstormende filmmakers voor wie De Maeyer de muziek componeerde voor hun eerste lange film Image (2014). ‛Die film is gemaakt met een prijs die de regisseurs hadden gewonnen met een kortfilm op het Kortfilmfestival in Leuven. Het was een geldprijs om een nieuwe kortfilm te maken, maar zij zeiden: hell no, wij maken een langspeelfilm. Ze hebben met een paar subsidies het bedrag kunnen verdubbelen wat nog altijd belachelijk weinig was. Iedereen heeft toen voor een hongerloon aan de film meegewerkt. Voor de muziek was er nagenoeg geen budget, maar ik vond en ik vind het bij al mijn projecten belangrijk, hoeveel of hoe weinig budget er is, dat ik hoe dan ook muzikanten live laat meespelen. Zo vond ik het bij Image belangrijk met strijkers te werken, maar met het budget dat ik had kon ik nergens in België of West-Europa terecht. Toen ben ik naar Boedapest gegaan, omdat daar de prijzen iets betaalbaarder zijn, wat niet wil zeggen dat de kwaliteit minder is, want ik heb sindsdien voor verschillende projecten met hen samengewerkt.’

De goed ontvangen film oogde in alle opzichten heel professioneel, maar was in Nederland niet te zien. Dat was wel het geval met opvolger Black (2015) die het talentvolle regisseursduo ook internationaal op de kaart zette. De score van De Maeyer maakte net zo goed veel indruk, vooral gedurende de lange eindscène van dit rauwe drama rond rivaliserende gangs in de Brusselse voorsteden. ‛Dat is de scène waar iedereen naar het Noordstation gaat. Hier maar ook elders in de film was het heel belangrijk om spanning te creëren. Tension, tension, zeiden Adil en Bilall de hele tijd. De muziek moest verder ritmisch zijn, want de film speelde zich grotendeels af in de zwarte en de Marokkaanse gemeenschap. Tot slot speelt het zich allemaal af in de zomer en daarom moest de muziek ook die hitte laten voelen. Voor die bewuste scène ben ik begonnen met twee bongo’s, maar die bespeelde ik niet met de handen, maar met vilten bollen en dat geeft die typische klank weer gedurende die hele scène. Ik werk ook graag met ritmes die haaks op elkaar staan. Het effect is tegendraads, maar dat geeft wel een spanning die de scène nodig had. Dus hiermee ben ik begonnen met opnemen, en vandaaruit werkte ik dan verder naar het einde van de film, waar verschillende thema’s samen komen die in de rest van de film zitten.’

Na de ook in Nederland succesvolle opvolger Patser (2018) waarvoor De Maeyer een flitsende elektronische score schreef, werden de regisseurs uitgenodigd om in de Verenigde Staten Bad Boys for Life met Will Smith te draaien. De film is later deze maand in Nederland en België te zien. Waarom ging je als hun trouwe componist niet mee naar Hollywood? ‛Adil en Bilall zijn heel loyaal en echt goede vrienden, dus ze willen mij graag betrekken bij alle projecten die ze doen. Voor Bad Boys was ik redelijk lang in de running, ze hebben zelfs scènes naar mij gestuurd. Uiteindelijk is het helaas om allerhande redenen niet gelukt en is de componist Lorne Balfe geworden. Zijn muziek werd intussen al opgenomen en ik kijk alvast uit naar het resultaat.’

Gelukkig kon De Maeyer afgelopen jaar zijn tanden zetten in een spectaculaire Belgische oorlogsfilm die een net zo spectaculaire score verlangde. Torpedo van Sven Huybrechts ging eind oktober in België in roulatie en zal de komende weken uitgebracht worden in Japan en Zuid-Korea en hoogstwaarschijnlijk ook in de Verenigde Staten, Frankrijk en Duitsland. De score heeft Hollywoodgrandeur en bevat veel heldhaftige thema’s. ‛Klopt, de muziek moest een soort nostalgie uitstralen naar avonturenfilms zoals Indiana Jones en The Great Escape. Daarnaast ben ik al redelijk lang en nog steeds een grote fan van de muziek van bijvoorbeeld Medal of Honor van Michael Giacchino. Dat is een videogame over de Tweede Wereldoorlog met een fantastische score en ik luister daar al heel lang naar, dus zelf ben ik ook een grote fan van dat soort muziek. Verder houd ik ook van Band of Brothers van Michael Kamen en Saving Private Ryan van John Williams. Met deze film kreeg ik de kans om dat soort muziek te maken.’ Er zit ook een aantal intieme stukken tussen al het wapengekletter. ‛Klopt. Bijvoorbeeld het liefdesthema, Saying Goodbye, dat tussen al het geweld opvalt. In die scène nemen twee geliefden met een kus afscheid van elkaar, dat past dan ook niet tussen de rest.’

Groot orkest

2019 was een druk jaar voor de jonge componist. ‛De periode waarin ik aan Keizersvrouwen werkte, overlapte heel erg met de periode waarin ik aan Torpedo bezig was. De scores kunnen niet verschillend genoeg zijn, wat wel heel interessant was, want ik moest mij telkens in een andere wereld onderdompelen. Torpedo is bijvoorbeeld opgenomen met een groot symfonisch orkest en is een nostalgische Hollywoodscore geworden. Omdat ze zo ver uit elkaar liggen was het heel verrijkend allemaal.’ Is Torpedo niet ook een beetje een sollicitatie naar Hollywood? ‛Niet bewust. Ik maak wat de film nodig heeft, maar het zou uiteraard als filmcomponist en filmmuziekliefhebber heel fijn zijn om ooit in Hollywood terecht te komen, ook omdat daar veel meer films opgenomen worden dan hier. En er zijn ook veel meer middelen, dus het zou fijn zijn om daar ooit eens een film te mogen scoren.’

Afgelopen jaar was er ook nog de Duitse familiefilm Immenhof – Das Abenteuer eines Sommers van Sharon von Wietersheim die in Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland in de bioscopen te zien was. Een Belgische film, een Nederlandse serie en deze Duitse film, dat klinkt niet gek. ‛Ja, ik heb het gevoel dat ik nog aan de wieg van mijn carrière sta, om zo te zeggen. Vlaanderen is zo klein, daarom ben ik blij dat ik in Duitsland en Nederland al enkele projecten heb mogen doen. Ik sta open voor elke fijne samenwerking, dus ik kijk wel wat de toekomst gaat brengen. Het belangrijkste is om met iedereen van het team een verhaal te verfilmen en dan op mijn manier muziek te maken die bij die film past en waarvan mensen achteraf misschien zeggen: dat is toch wel heel mooi.’ En hoe beviel de samenwerking met Nederland? ‛Goed, ik werk graag met Nederlanders. Ze zijn iets directer dan Vlamingen. Nederlanders zeggen waar het op staat, zodat je direct weet wat de ander verwacht van de muziek. Natuurlijk, we hebben dezelfde taal en op veel vlakken zijn we gelijk, maar op andere vlakken merk je toch dat er andere gebruiken zijn, maar dat is wel interessant om te ontdekken. Van de andere kant, ik ben het gewend om met Adil en Bilall te werken en zij zijn geen typische Vlamingen. Zij zijn ook rechttoe rechtaan met hun Marokkaanse bloed, je weet bij hen ook direct of het goed of slecht is, dus op dat vlak lijken ze een beetje op Nederlanders.’

Paul Stevelmans

Foto Hannes De Maeyer: Sander Buyck.