• darkblurbg
  • darkblurbg
  • darkblurbg

INTERVIEW MET VINCENT VAN WARMERDAM

‛HET ZUID-AMERIKAANSE CONTINENT LACHT MIJ TOE’ - Nederlandse filmcomponisten die voor buitenlandse films werken, zijn er genoeg. Fons Merkies, Merlijn Snitker en Bart Westerlaken werkten de afgelopen jaren voor producties buiten de landsgrenzen. Ook Vincent van Warmerdam kan zich scharen in dit internationale gezelschap. Voor de Argentijnse psychologische thriller Rojo, over een niet geheel zuivere jurist in de aanloop naar de militaire coup van 1976 schreef hij een relatief kleine, veelzijdige score waarvoor hij inmiddels werd genomineerd voor de Condor de Plata 2019, de Argentijnse equivalent van de Oscar.

De buitenlandse kritieken van de film doen veelvuldig en positief melding van film en score: 

(‘The seventies also influenced Vincent van Warmerdam’s excellent, foreboding score’ – Variety.

‘The lively musical score from Vincent Van Warmerdam runs a gamut of influences from the jazzy melancholy of Bernard Herrmann’s Taxi Driver to the insistent call of Michael Nyman.’ – Screen Daily)

Vincent van Warmerdam (1956) is bekend van de muziek voor de films van zijn broer Alex: Abel (1986), De Noorderlingen (1992), De Jurk (1996), Ober (2006) en Borgman (2013). Ook met Jos de Putter, Clara van Gool en Ineke Houtman werkte hij regelmatig samen. Voor Kicks van Albert ter Heerdt won hij in 2007 een Gouden Kalf. Al in 1992 won Van Warmerdam voor zijn score voor De Noorderlingen de Felix, de Europese Filmprijs, maar van een internationale filmcarrière is het toen niet echt gekomen; hij maakte weliswaar eerder muziek voor korte films van de Argentijnse documentairemaker Enrique Bellande, maar Rojo is zijn eerste grote buitenlandse speelfilm. Via de Nederlandse producente Marleen Slot van de Argentijns/Frans/ Duits/Nederlandse coproductie kwam Van Warmerdam in aanraking met de makers. Van Warmerdam: ‛Regisseur Benjamín Naishtat kende mij van mijn muziek voor de films van Alex. Als piepjonge festivalmedewerker had hij hem zelfs een keer in Buenos Aires geïnterviewd na afloop van de vertoning van Borgman.’

Het werk voor Rojo heeft van Warmerdam niet naar Argentinië gevoerd. De communicatie voltrok zich vooral via Skype en email. Benjamín Naishtat stelde zich gedurende de lange-afstand-samenwerking open en flexibel op, aldus Van Warmerdam: ‛De samenwerking verliep tamelijk idyllisch. Benjamín was heel precies en had veel kennis van filmmuziek, met name uit de jaren zeventig. Wat ik heel prettig vond was dat hij elke stap in het proces helder communiceerde. We hadden ook voldoende tijd om dingen uit te proberen. Meestal maak ik de muziek heel precies op beeld, maar dat heb ik in dit geval niet gedaan. Ik heb hem een aantal muzikale voorstellen gedaan voor scènes en daar ging hij in de montage mee verder. De editor heb ik weliswaar nooit gezien, maar in de montage werd mijn muziek op een slimme manier ingezet. Soms pasten ze de beelden aan, soms de muziek. Dat is natuurlijk gevaarlijk gebied, maar dat deden zij heel goed, zelfs zo goed dat ik het soms zelf niet eens in de gaten had. Zo hebben ze ook nog een beetje mee gecomponeerd, waar ik heel blij mee ben.’

Rojo speelt zich af in het Argentinië van 1975, een jaar vóór de staatsgreep die een wrede dictatuur van zeven jaar inluidde, een periode die in Argentinië nog steeds zeer beladen en voelbaar is. In deze gespannen tijd volgen we de paden van jurist Claudio die op het eerste gezicht een keurige burger is, maar gaandeweg de film toch niet zo onkreukbaar blijkt. Van Warmerdams vervreemdende, onheilspellende klanken benadrukken die gespletenheid. ‛Op elementair niveau zou je kunnen zeggen dat de muziek zijn schuldgevoel verklankt. Op die momenten word je door de muziek bewust van het feit dat hij iets fouts doet, hoewel je niet helemaal kunt bevatten waar hem dat nou precies in zit.’

                                                         Dario Grandinetti (als Claudio) en Diego Cremonesi in Rojo.

In hoeverre heb je met de regisseur een Argentijnse ‘sound’ voor de score overwogen? ‛Ik heb bijvoorbeeld wel affiniteit met de tango, maar dat was geen overweging, hij wilde de film ook een universeel gevoel meegeven. Politiek gezien is de tango meer de muziek van het verzet uit die tijd, en werd zelfs verboden tijdens de dictatuur. Maar daar gaat deze film niet over, dit verhaal gaat meer over de morele wankelmoedigheid die aan de dictatuur voorafging, hoe mensen zich conformeren aan machtsstructuren in het klein. We hebben wel gesproken over specifieke hitmuziek uit die tijd. Benjamín had een aantal bestaande songs paraat liggen, waaronder ook een van Supertramp, die uiteindelijk niet in de film terecht is gekomen. In de film zit een liefdesscène tussen een jongeman en de dochter van Claudio en daar zit uiteindelijk een Argentijns hitje onder.’

Begintune

Muziek horen we voor het eerst in de film wanneer de vrouw van de hoofdpersoon het restaurant betreedt juist nadat hij een ongemakkelijke confrontatie met een vreemdeling aanging. ‛Die muziek is opzettelijk heel erg seventies, een beetje kitscherig, waarbij je denkt: wat krijgen we nou? Bijna als de begintune van een goedkope serie. Dat werd ook ingegeven door de actrice die in Argentinië een beroemde soapster is. Als je die muziek afzet tegen de rest van de originele score staat dat heel erg op zich. Dat is iets wat mij tegenwoordig wel fascineert – ook door het kijken naar series als Breaking Bad en Fargo – dat muziek steeds minder thematisch en conceptueel wordt ingezet. Mijn generatie was heel streng met het bepalen van stijl en genre terwijl de nieuwe generatie, waartoe de 32-jarige Benjamín Naishtat duidelijk hoort, een ruimere kijk heeft. Dat zie je ook in de film zelf, ze gaan slim om met de technieken uit die periode en de manier waarop er toen gefilmd werd: niet op een statische manier en dat geldt ook voor het muziekgebruik.’

Door de datering van de film lag het vertrekpunt van de muziek in de jaren zeventig. ‛In die periode was het in Hollywoord wel ongeveer gedaan met de symfonische scores. Er kwamen steeds meer door jazz- en rockmuziek beïnvloede scores in films als Five Easy Pieces, The Last Detail en Harold and Maude. Benjamín stimuleerde mij om op dat spoor verder te denken en hij refereerde met name aan The Conversation van Francis Ford Coppola. Daarin maakt componist David Shire spaarzaam gebruik van piano, met af en toe een synthesizer. Toen ben ik gaan zoeken naar een enkelvoudig geluid met weinig instrumenten en cheap electronics. Dat is regelrecht ingegeven door de periode.’

Regisseur en componist waren het er over eens om Rojo als een thriller te benaderen. ‛Zo hebben we dat ook benadrukt in de muziek, met uitzondering van een enkel moment van schijnbare ontspanning, zoals de zonsverduistering. Maar zelfs vlak vóór de zonsverduistering, wanneer Claudio en zijn vrouw een dagje naar het strand gaan, krijgt alles door de muziek weer een dreigende lading, dat thrillergevoel moet je wel onderhouden. Heel mooi hoe ze dat geplaatst hebben, daar ben ik heel blij mee.’ Een opvallende passage in zowel film als score is voornoemde scène met de zonsverduistering wanneer het beeld – getrouw de titel van de film – helemaal rood kleurt. We horen hier geruststellende pianoklanken. ‛Je zou denken dat dat bestaande klassieke muziek is, maar het is mijn muziek; een pianocompositie die ik ooit in de theatervoorstelling Het Pianomeer heb gebruikt en die hier heel mooi van pas kwam.’

                                                                                    De zonsverduistering in Rojo.

Tegen het einde van de film bezoeken Claudio en zijn vrouw een nachtclub waar een verdwijntruc wordt opgevoerd. Daar horen we een variété-achtig muziekje. ‛Zo zacht dat je het nauwelijks hoort. De muzikanten die daarop meespelen worden desondanks allemaal vermeld op de aftiteling. Daardoor wordt de indruk gewekt dat er heel veel muzikanten op de score meespelen, maar dat valt dus wel mee. Het meeste deed ik zelf: gitaar, bas, elektronica. Marieke Snijders speelt de piano van de zonsverduistering. De andere pianist is Rob Stoop, waar ik vaak in het theater mee samenwerk. Violist Laurens van Vliet ken ik van mijn samenwerking met Domestica Rotterdam. De saxofonist van de openingsmuziek is Roland Brunt (de Dijk) met wie ik vroeger in een bandje zat.’ Van Warmerdam componeerde en arrangeerde de muziek in zijn studio De Slapende Hond in Amsterdam-Noord en produceerde de opnamen met zijn vaste mixer en technicus Marcel de Rooij. ‛Mijn werkruimte ligt naast de opnamestudio; als we een sessie hebben ga ik gewoon een deur verder, dat is ideaal.’

Documentaires

Terugblikkend op de muziek van Rojo merkt Van Warmerdam op: ‛Ik denk dat deze film mij de juiste vrijheid gaf, de juiste prikkel om het anders te doen, om iets nieuws te maken. Er werd niet met temp gewerkt (temporary music = bestaande filmmuziek). Dat is onderhand uitzonderlijk te noemen. Die afwezigheid van temp is voor mij eigenlijk een voorwaarde om tot iets unieks en origineels te komen. Het is heel jammer dat de temp de componist in de huidige filmpraktijk heel vaak in een imiterende rol dwingt. Daar doe je hem/haar maar vooral ook de film mee tekort. Dat gebruik van temp duidt vaak op een gebrek aan een eigen visie en kant en klare tempmuziek kan de film bedrieglijk flatteren. De meeste bioscoopfilmproducties zijn daar gevoelig voor, ze zijn genregericht en hebben een dwingende economie. Bij zo’n genrefilm maakt de temp bij voorbaat duidelijk wat men precies wil en zo wordt een componist meer om zijn productionele kwaliteiten dan om zijn inhoudelijke visie ingehuurd. Ik ben daar niet zo geschikt voor, geloof ik, en voel ook geen behoefte meer om dat te camoufleren. Opvallend en verheugend is dat ik steeds meer voor documentaires gevraagd word. Bij een documentaire ervaar ik die vrijheid om samen met de regisseur een kleur te vinden weer wel. Maar speelfilm blijft ook aantrekkelijk en uitdagend om muziek voor te maken. Rojo is voor mij het bewijs dat er nog mogelijkheden zijn.’

Ligt de toekomst misschien in het buitenland? ‛Ik ben inmiddels ook gevraagd voor een Chileense film. Het Zuid-Amerikaanse continent lacht me toe! Maite Alberdi, de regisseur, heeft eerder The Grown-Ups gemaakt, een prachtige documentaire over verliefde mensen met het syndroom van Down. Haar nieuwe film The Mole Agent gaat over een man van in de tachtig die in opdracht van een detectivebureau wordt ingezet als een mol in een bejaardentehuis. Dat is hilarisch, maar ook begint de man steeds meer compassie te voelen voor de ouderen die hij ‘bespioneert’.’

Volgend jaar gaat Van Warmerdam Klassen (werktitel) doen, de opvolger van Schuldig, de succesvolle documentairereeks van de Humanistische Omroep. Ook op andere gebieden is hij actief. Hij speelt in de Blue Grass Steam Punk Country Metalband Mr. Ferocious en in november komt zijn tweede roman uit: Boxgeur (na zijn debuut De Plectrumfabriek). En hij gaat weer theater maken: komend voorjaar komt er een voorstelling met onder meer René van ’t Hof: Rock me Baby over een verouderende band die wanhopige pogingen doet om contact te houden met de tijdgeest. ‘Daar zitten net als in de romans zeker autobiografische elementen in. Want filmmuziekcomponist was eigenlijk maar een afgeleide van de echte jongensdroom: rockheld worden!’

Paul Stevelmans