• darkblurbg
  • darkblurbg
  • darkblurbg

INTERVIEW MET PERQUISITE

RAUW EN REALISTISCH - De openingsfilm van het Nederlands Film Festival was dit jaar Niemand in de stad, de eerste speelfilm van documentairemaker Michiel van Erp. In de door pers en publiek goed ontvangen verfilming van de roman van Philip Huff draait alles om een groep Amsterdamse studenten die meer genieten van de geneugten van het studentenleven dan dat ze met hun neus in de studieboeken zitten. Perquisite schreef na een reeks scores voor romantische komedies een beklemmende score voor het studentendrama dat niet gespeend is van enkele hilarische momenten.

Perquisite is de artiestennaam van de in Amsterdam geboren Pieter Perquin die vooral bekendheid genoot als helft van het duo Pete Philly & Perquisite. Als soloartiest en producer vervolgde hij zijn carrière na het uiteengaan van het duo in 2009. In hetzelfde jaar debuteerde hij als componist voor de film Carmen van het noorden. Hij ontving een Gouden Kalf voor dit opzienbarende filmdebuut. Nadien werd hij gevraagd voor steeds meer films. Met zijn muzikale partner Sliderinc (Jasper Slijderink) schreef hij de muziek voor het psychologische drama Lotus (2011). De romantische komedie Hartenstraat (2014) van Sanne Vogel met wie hij aan enkele korte films had samengewerkt was een groot succes en leidde voor hem en Sliderinc tot meer films in dit immer populaire genre zoals Brasserie Valentijn (2016), Hartenstrijd (2016) en Huisvrouwen bestaan niet (2017).

                                                                                                   Niemand in de stad.

Niemand in de stad is een serieuze film. We volgen drie Amsterdamse studenten die een leven vol drank, feesten en meisjes leiden. Hoofdpersoon is Philip die net als zijn vrienden Matt en Jacob probeert los te komen van zijn ouderlijk huis en uiteindelijk ontdekt wat vriendschap werkelijk betekent. Vond Perquisite het prettig om een dramatische film te doen? ‛Ja, heel fijn. Ik vind romantische komedies ook leuk om te doen, maar daar ben ik als het ware ingerold. In 2011 werd ik door Sanne Vogel gevraagd om voor een toneelstuk van haar, Document, de muziek te maken. Daarna werkten we samen voor twee korte films en een middellange tv-film, waarna Hartenstraat volgde, haar debuutspeelfilm, waar ik ook de muziek voor componeerde, nu samen met Sliderinc. Die film was een succes en daardoor werd ik gevraagd voor meer romantische komedies. Wat ik op zich leuk vind, maar ik vond het wel uitdagend om nu weer een heel ander soort film te doen.՚ Zijn er grote verschillen in muziek voor romantische en serieuze films? ‛Bij romantische komedies heb je meestal iets minder vrijheid, want je hebt te maken met het stramien van zo’n komedie. Bij Niemand in de stad had ik veel vrijheid en – het klinkt misschien raar – ik kom van nature eerder met iets meer melancholische dingen dan heel vrolijke dingen dus het ging meer vanzelf. Wat misschien ook speelt: ik ben 36, dus de tijd dat ik zelf 24 was is niet eens zo heel lang geleden, waardoor ik mij redelijk goed kon identificeren met de hoofdpersonages. Ik herinner me nog veel van die tijd, al zat ik zelf nooit bij een studentenverenging, maar ik kon uit mijn eigen gevoel putten. Het was heel fijn om voor deze film de muziek te mogen maken.՚

Hoofdthema

Kenmerkend voor de score is een alles overheersend hoofdthema dat van begin tot eind de muzikale spil van de film vormt en zich gaandeweg ontwikkelt naar een onvermijdelijke apotheose. Perquisite: ‛Het thema onder de opening van de film komt later terug in het studentenhuis, wanneer Philip gaat rennen en in een andere vorm ook nog meerdere keren aan het einde van de film. Ik heb het Philip's thema genoemd, omdat hij voor mij het hoofdpersonage van de film is. Met thema’s werken bevalt mij goed, want je verbindt op die manier scènes en gebeurtenissen met elkaar waardoor je de kijker onbewust stuurt in hoe hij scènes moet interpreteren, dus ik geloof er erg in dat dat goed werkt en ook fijn is voor de eenheid binnen de film. Ik heb bewust dit keer met minder thema’s gewerkt dan gebruikelijk om te kijken hoe dat zou uitpakken. Alles komt neer op vijf hoofdthema’s waar uiteindelijk alles naar terug te leiden is. Het zijn telkens andere versies, maar de harmonie en melodie blijven meestal hetzelfde.՚

Wat wilde je met het hoofdthema met name uitdrukken? ‛Het mooie van de film is dat hij ondanks het gevoelige openingsshot vrij luchtig begint. Je denkt dan als kijker: eens kijken wat hier aan de hand is. Daarna zit er best veel humor in en is alles vrij snel gemonteerd. Maar in de loop van de film wordt het steeds serieuzer. Zo komt er ook meer drama in het verhaal en dat wilde ik met de muziek versterken.՚ Net als Philip groeit het thema, het wordt langzaamaan steeds intenser. ‛Ja, dat zou je kunnen zeggen. Ik heb het niet heel bewust op die manier bedacht. Ik heb vooral gekeken naar de toenemende intensiteit van de film. Je hebt natuurlijk die dramatische apotheose en de scène dat al die vrienden terug in de auto zitten en dat is best wel een heftig moment in de film. Het was de kunst om dat te versterken zonder dat het te groots wordt. Dus ik heb geprobeerd het minimaal te houden, maar wel toe te geven aan de intensiteit door andere instrumenten te gebruiken. Dat vond ik ook leuk aan de samenwerking met de editor Axel en regisseur Michiel, dat zij mij er vaak toe hebben aangespoord het minimaal te houden. Als componist ben je toch gewend om veel dingen uit te proberen: je wilt soms moduleren of harmonisch andere dingen doen. Waarop Michiel en de editor dan vaak zeiden: volgens ons is het niet nodig; hou het simpeler! Uiteindelijk vind ik dat dat heel goed heeft uitgepakt, want daardoor blijf je dichtbij de karakters.՚

                                                                                         Minne Koole in Niemand in de stad.

Aan het einde van de film is Philip na een reeks dramatische gebeurtenissen volwassen geworden. Het hoofdthema horen we hier voor het laatst, dit keer welhaast als een soort van bevrijding. ‛Ja, dat was zeker de bedoeling met die allerlaatste scène. Ik heb dat nummer op de soundtrack Een nieuw begin genoemd. Wat ik ook herkenbaar vind als iemand doodgaat uit je nabije omgeving is dat je over veel dingen opnieuw gaat nadenken, zoals: leef ik eigenlijk wel op de manier waarop ik zou willen leven? Je ziet dat Philip langs gaat bij Matt die een ander leven is begonnen. Maar ook Philip is volwassen geworden: hij heeft dingen een plek kunnen geven, zijn eigen stommiteiten kunnen inzien en besloten het nu anders te gaan doen. Dat wilde ik in de muziek uitdrukken doordat aan het einde inderdaad de muziek ook iets meer power heeft en uitstraalt dat Philip een nieuw zelfvertrouwen heeft gevonden.՚

Heeft het veel tijd gekost om dit belangwekkende stuk te schrijven? ‛Nee, eigenlijk niet. Dat hoofdthema had ik best wel snel gereed. Ik heb het allemaal gebaseerd op een schetsje dat ik op piano had gemaakt. Oorspronkelijk heb ik het veel sneller ingespeeld en toen dacht ik: eigenlijk is het juist goed om het te verlangzamen en toen heb ik het uiteindelijk bijna twee keer zo langzaam gemaakt. Ik heb deze hoofdmelodie helemaal aan het begin met piano ingespeeld, waarna ik onderzocht heb hoe het zou klinken als ik het met cello zou doen. Zowel de editor, de regisseur als ikzelf vonden dat dat uiteindelijk beter werkte. Het idee van de opening is ook dat je ondanks alle vrolijkheid wel hoort te voelen dat er op een gegeven moment in de film iets flink mis zal gaan. Er moest dus enige dreiging uit naar voren komen.՚

Heftig

Een van de meest aangrijpende scènes vindt plaats als de vader van Matt is overleden en de laatste daar onverwacht heftig op reageert terwijl Philip hem probeert te troosten. Hier horen we een ander thema. ‛Voor die plek heb ik inderdaad een apart thema gemaakt dat verder nergens in de film voorkomt. Ik heb wel hetzelfde instrumentarium gebruikt; voor de hele film heb ik synthesizers gecombineerd met cello en piano en meer analoge instrumenten. Het was zo’n specifieke scène dat ik merkte: hier past het niet om een van die andere thema’s terug te laten komen. Ik vind het zelf ook de heftigste scène uit de film, die hele ruzie tussen hen, dus ik had het gevoel dat het juist goed zou zijn om dat los te trekken van de rest van de thema’s, en om daar een aparte compositie voor te maken.՚

Perquisite heeft voor Niemand in de stad minder korte stukken gebruikt dan voor de romantische komedies van de laatste jaren. ‛Daar heb je soms bij wijze van spreken vijftien seconden muziek. In veel romantische komedies zitten soms wel vijfenveertig cues. In deze film zijn dat er twintig. Dat is relatief iets minder muziek, maar als er muziek in zit, zit die er wel prominenter in. Daarnaast zit in romantische komedies de muziek vaak ook op de achtergrond van dialogen en dat hebben we hier bijna niet gedaan. Als er muziek in zit, dan zit die veel meer op de voorgrond en niet onder dialoog maar juist onder transities, bijvoorbeeld op de momenten dat Philip aan het rennen is. Ik heb nu de score ook online uitgebracht en er is uiteindelijk geen track onder de veertig seconden.՚ De komedies kenden zowel een originele underscore als veel liedjes, beide van de hand van Perquisite en Sliderinc. Ook in Niemand in de stad horen we van tijd tot tijd een liedje voorbij komen. ‛Tijdens de scène met het Mondriaanspel hoor je een nieuw nummer, Dance With Me, dat ik heb gemaakt met Jeangu Macrooy met wie ik nauw samenwerk. Een ander nummer, High on You, ook van Jeangu en dat ik geproduceerd heb, zit in een scène in de sociëteit. En dan is er nog een ander nummer, ook in de sociëteit, dat ik met een vriend van me heb gemaakt voor een andere film maar dat hier toevallig goed werkte.՚

Van Sliderinc is ook een korte improvisatie te horen in de film. Waarom hebben beide componisten dit keer niet de gehele score samen gedaan? ‛We hebben bijvoorbeeld de muziek geschreven voor Hartenstraat, Hartenstrijd en ook Huisvrouwen bestaan niet die eind vorig jaar is uitgekomen. We werken vaak als duo samen, maar deze film kwam binnen op het moment dat we net bezig waren met Huisvrouwen bestaan niet. Toen dacht ik: ik ga deze film alleen doen, ook om op die manier gelijk al een andere sound neer te zetten. Het was ook een uitdaging aan mezelf om, behalve dat ik het alleen gecomponeerd heb, dit keer ook alles zelf in te spelen. Ik wilde eens kijken wat er zou gebeuren als ik dat alleen zou doen, net als bij mijn allereerste film. Ik heb daarom geen sessiemuzikanten gebruikt. Ik ken veel goede muzikanten en het is ook verleidelijk om dan mensen te bellen en te vragen om in te komen spelen, maar het is ook wel eens interessant om het helemaal uit jezelf te halen. Er was echter een scène waarin muziek aanstaat in de kamer van Jacob. Dat is eigenlijk geen filmmuziek, maar source muziek en dat moest jazz à la Bill Evans zijn. Toen dacht ik: wel leuk als Jasper daar even iets voor inspeelt, en zo heb ik hem gevraagd om iets te improviseren voor die scène. Op die manier zit er toch ook iets van hem in de film.՚

Op de set

Een belangrijk muzikaal moment vindt plaats wanneer Jacob op zijn woonboot een stuk van Bill Evans op de piano speelt. Heb jij daar nog enige bemoeienis mee gehad? ‛Nee, de enige bemoeienis die ik ermee gehad heb, is dat op een gegeven moment het idee leefde om dat stuk opnieuw in te laten spelen door een professionele pianist. Ik was van mening dat we dat niet moesten doen, want ik vond de wijze waarop de acteur (Chris Peters) dat op de set gespeeld had een zekere magie hebben en je ziet dat de reactie van de acteurs ook echt is op dat moment. Ik vond dan ook dat de oorspronkelijke opname die op de set gemaakt is erin moest blijven in plaats van dat we dat zouden overdubben. Dus wat je nu hoort is echt wat hij ter plekke gespeeld heeft op de set op die specifieke piano. Dat past ook goed bij de stijl van de film. Het is een realistische en rauwe film die soms best dichtbij komt.՚


                                                                              Chris Peters (rechts) in Niemand in de stad.

Niet alleen heeft Perquisite de score alleen gecomponeerd, ook heeft hij voor deze film alles zelf ingespeeld, opgenomen, gemixt en gecomponeerd. Welke instrumenten hebben een prominente rol gespeeld? ‛Naast synthesizers heb ik mijn cello veel gebruikt en ook Fender Rhodes, piano, ukelele en samples. Maar ik heb ook dingen gebruikt die toevallig in de buurt lagen in mijn studio, zoals een klankschaal van mijn vriendin. Die zit onder het thema dat telkens bij de portretjes van de verschillende personages in de film voorbij komt. En ik dacht: dit is wel grappig, eens kijken in welke toonsoort dit staat. De klankschaal bleek een F voort te brengen, dus heb ik die compositie ook in F gemaakt. Verder heb ik vaak associatief gewerkt door bijvoorbeeld op dozen en kisten te slaan om daarmee een beat op te bouwen; meer een huis-tuin-en-keuken manier.՚

Voor Michiel van Erp was Niemand in de stad zijn eerste speelfilm. Heeft dit nog gevolgen gehad voor de samenwerking? ‛Nee. Ik had sowieso eerder met hem gewerkt. In 2011 heb ik voor zijn documentaire Erop of eronder de muziek gemaakt en toen gaf hij mij veel vrijheid en dat gold nu ook weer. Hij is zelf duidelijk in wat hij wil uitdrukken met een scène en hij geeft ook duidelijk aan wat het gevoel erbij moet zijn. Maar de keuze van de invulling en sound vertrouwde hij mij als componist toe. Ik vond dat een hele fijne manier van werken en wat dat betreft merkte ik niet echt dat het zijn debuutfilm was. Hij is een ervaren documentaire-regisseur, dus hij weet hoe het allemaal werkt met muziek, net zoals hoe het werkt om een film te maken. Dit keer was het een geacteerde film, dat is het enige verschil. Maar hij heeft natuurlijk tientallen documentaires gemaakt.՚

Zou je in de toekomst ook wel eens willen werken met een orkest voor een wat meer orkestrale score? ‛Ja. Ik ben tot nu toe nog niet gevraagd voor zoiets. Maar het lijkt me geweldig om dat een keer te doen. Nu speel ik zelf meestal de instrumenten in omdat het budgettair ook niet haalbaar is om een heel orkest in te huren.'՚ En wat te denken van andere genres dan romantische komedies? ‛Horror weet ik niet, ik heb zelf iets minder met horror. Maar een western of een thriller lijkt me te gek. Dat betekent spanning opbouwen; dat soort muziek componeren is geweldig om te doen. Ik heb een keer met Jasper voor Van God los een aflevering gedaan, die Dead Man’s Hand heette; dat was echt een feestje. Ze kunnen me absoluut bellen voor juist andere dingen dan ik al gedaan heb.'՚ Perquisite wil niet in het hokje van romantische komedies worden gestopt, daarvoor is ook zijn werk als artiest en producer te divers en te breed. Niemand in de stad is zeer goed bevallen. ‛Ik denk dat uiteindelijk de uitdaging voor een componist is om te doen wat zo’n film nodig heeft. Deze film had naar mijn gevoel een wat rauwere soundtrack nodig die wat meer aanwezig is dan in sommige andere films.՚

Klik hier om de muziek van Niemand in de stad via Spotify te beluisteren.

Paul Stevelmans