• darkblurbg
  • darkblurbg
  • darkblurbg

INTERVIEW MET RENGER KONING

MUZIEK MET EEN UITDAGING - Op 18 januari aanstaande gaat de documentaire My name is nobody van Denise Janzée in roulatie. Voor deze boeiende zoektocht naar de anonieme mens schreef Renger Koning de muziek. Dat deed hij op zijn karakteristieke wijze waarbij uitdaging en originaliteit samengaan. Dat een van de opvallende personages in My name is nobody filmcomponist Ennio Morricone is, bracht hem niet van zijn stuk. Score sprak met Koning in zijn studio in Groningen.

Renger Koning (1959) is de laatste jaren steeds meer richting muziek voor film opgeschoven. Sinds jaar en dag heeft hij muziek geschreven voor commercials, eerst in het souterrain van zijn woonhuis en sinds 2002 in zijn elders in de stad gelegen studio Soundbase. Hier werkt hij met een vaste zakelijk partner en daarnaast bij gelegenheid met externe krachten. Die muziek voor commercials is niet alleen voor regionale klanten, aldus Koning: ‛Ook landelijke klanten hadden we. Ik heb een tijdje de tunes gedaan van Nederland 2, voor TELEAC en de Wereldomroep en voor klanten als Aegon, KNSB, Jumbo Supermarkten en Belsimpel.nl.՚ Maar Koning heeft meer dan alleen deze commercials gedaan. Hij deed volgens eigen zeggen werkelijk van alles, als het maar met toegepaste muziek en geluid te maken had. Zo werkte hij onlangs voor Oud en Nieuw met een bedrijf samen dat een heel groot scherm met allemaal ledlampjes had gemaakt dat op de Vismarkt kwam te hangen. ‛Daar kon je dan met een app icoontjes en dingetjes naartoe sturen. Ik zorgde dan voor vuurwerk- en fantasygeluiden. Zolang ik maar iets met muziek en geluid kan maken, vind ik het hartstikke leuk.՚

Geluiden

Filmcomponist voelde Koning zich vanaf het begin van zijn werkzame leven. Al in zijn jeugdjaren was hij druk in de weer met het zelf maken van geluiden. Koning: ‛Ik was eigenlijk al multimediacomponist voordat het fenomeen überhaupt bestond. Ik heb bijvoorbeeld de nieuwe Aurea televisie-introducties van Philips wereldwijd gedaan. Het leuke van al die audiovisuals is dat je leert heel veel verschillende dingen te maken. Als iemand vraagt: kun je ook een strijkkwartet schrijven, dan denk ik dat ik dat vast wel kan, al had ik dat nooit eerder gedaan. Juist omdat ik een opleiding aan de kunstacademie heb gedaan, zit ik bij het componeren minder vast aan het stramien what is done en what is not done. Tussen 2005 en 2007 haalde ik piano’s uit elkaar en dan ging ik kijken wat voor geluiden er zijn als je ze bevrijdt van hun zwart-witte toetsen. Daar heb ik enkele sample libraries mee gemaakt. Vervolgens ben ik naar Los Angeles gegaan en heb ik bij filmcomponisten aangebeld zoals Jeff Rona en Hans Zimmer. Ik zei dan: hoi, ik ben Renger en kom uit Groningen en ik heb een interessante library met geluiden. Filmcomponisten als BT (Brian Transeau) en Junkie XL hebben die allemaal gebruikt en het zit verder in allerlei films. Toen dacht ik: dit is wat ik heel graag wil en de laatste jaren probeer ik echt elke week een gesprek te regelen in Amsterdam om te kijken of ik in de filmwereld aan de slag kan.՚

Eerste serieuze schreden op het pad van de filmmuziek zette Koning in 2011 voor Die Welt, een film van Alex Pitstra, met wie hij daarvoor regelmatig aan promotiefilmpjes had gewerkt. ‛Ik deed wel eens wat korte film dingetjes, maar dit was echt een film van anderhalf uur en daar heb ik zowat alles voor gedaan: het geluidsontwerp, de muziek en de surround mix. Dat was een hoop werk, waar ik veel van heb geleerd. Alex kwam met een heel interessante spelregel: ik wil geen melodie en ik wil ook geen ritme. Dat was een mooi concept, want je wordt zo gedwongen om anders te gaan kijken. Worden het dan alleen maar soundscapes?, dacht ik. Uiteindelijk zitten er wel muzikale dingen in, maar dan op een bescheiden manier. Ik houd wel van de beperking; daag me maar uit!՚

                                                          De beroemde klassenfoto uit 1937 in My name is nobody.

Via producent Paul Ruven, met wie hij kort daarvoor de Amerikaanse productie R U Safe had gedaan, kwam Koning terecht bij de film die Denise Janzée aan het maken was met als vertrekpunt een befaamde klassenfoto uit 1937, waarop Sergio Leone en Ennio Morricone staan afgebeeld tijdens hun lagereschooltijd. Tussen beide latere filmgrootheden staat een onbekend jongetje waarnaar Janzée in Rome op zoek ging. Hoe was de samenwerking met Janzée, dochter van Willeke van Ammelrooy, bij deze zoektocht met de toepasselijk titel My name is nobody? ‛Zoals het gaat met een regisseur die ideeën en fantasieën heeft. Ik vraag altijd: met wat voor gevoel wil je dat de mensen de bioscoop uitlopen? Wat moet ze bij blijven? En daarnaast zie je de beelden, maar wat is nou de gedachte erachter? Het is best een intrigerend uitgangspunt: iemand staat tussen twee giganten op die foto. Zij staat zelf ook tussen twee giganten in natuurlijk: haar moeder en haar stiefvader Marco Bakker. Het is voor haar ook een interessante zoektocht.՚ Wat vond ze van de score? ‛Ze was heel blij met mijn muziek, net als haar moeder, die de muziek fantastisch vond. Ze sprak me er op aan bij de première. Ik heb nog nooit van jou gehoord, maar wat heb jij een prachtige muziek gemaakt, zei ze.՚

Morricone

Is het lastig om muziek te schrijven voor een film waarover de schaduw van grootmeester Morricone hangt? ‛Nee, ik ben heel erg op zoek gegaan naar wat ik zelf leuk vind. Hij had overigens maar een kleine rol in de film.՚ Als student beeldhouwen leerde Koning van zijn docent dat creëren niet een kwestie is van opdrachten klakkeloos uitvoeren, maar dat je iets eigens moet zien te scheppen. Na een drie maanden durende patstelling werd allengs duidelijk dat Koning het boeiend vond om iets te maken wat een samenspel is met anderen. Het ging dan om een toegepaste kunstvorm. ‛Ik hoorde laatst dat een filmmaker twee keer een popmuzikant gebruikt had voor een film wat hem niet beviel. Want die hangen teveel aan hun muziek en die zijn helemaal niet bezig met het drama van het verhaal, vond hij. Ik durf te stellen dat ik dat wel kan.՚

                                                                         De schoolklas uit My name is nobody.

Een memorabele scène in My name is nobody vindt op een basisschool in de Romeinse wijk Trastevere plaats. Een schoolklas oefent op de blokfluit het thema van Once Upon a Time in the West, weliswaar niet geheel zuiver maar op het aandoenlijke af. ‛Je hebt het nog nooit zo vals gehoord als daar waarschijnlijk (lacht). Wat hebben wij op school aan muziek geleerd? Die kinderen daar leren op blokfluit thema’s spelen van de man die om de hoek woont. Dat is toch fantastisch!՚ Dit instrument komt overigens niet voor in de originele score, die zoals gebruikelijk bij Koning een mix is van akoestisch en elektronisch. ‛Ik houd ervan om beide door elkaar te laten lopen. Sommige dingen kan ik op de een of andere manier beter elektronisch maken, maar ik kan ook voor orkest en ook voor muzikanten schrijven. Voor My name is nobody heb ik een aantal trompet- en blazerssecties gebruikt, verder zit er accordeon en mondharmonica in. Ik vind het prettig om met muzikanten te werken, want ik geef ze altijd een behoorlijk stuk vrijheid omdat je nooit weet waarmee ze komen. Ik ben zelf ook maar beperkt in wat ik kan en daarom maak ik graag gebruik van mensen die iets beter kunnen.՚

Minstens zo belangrijk als de zoektocht naar een anoniem jongetje is de schildering van de volkswijk Trastevere in Rome, de leefomgeving van alle zowel levende als verscheiden protagonisten. Tegen het einde van de film maken we kennis met B-filmregisseur Willy Colombini die allerlei figuren uit de wijk gaat spelen zoals de restauranthouder, de kapper en de taxichauffeur. We horen hier het schitterende hoofdthema: een lange, door accordeon begeleide compositie. ‛Dat is een soort mars geworden. Omdat het hier eigenlijk geen documentaire meer is, maar bijna een soort fictie, dacht ik: ik maak er, wat je in de Italiaanse film wel vaker hebt, zo’n straatorkestje van dat dan voorbijkomt.՚ Wat horen we nog meer? ‛Er zitten niet zo heel veel thema’s in de film, maar wel steeds op een andere manier.՚ Koning is hier te werk gegaan volgens een principe dat hij uit een interview met David Bowie heeft overgenomen. De Britse zanger verzon vaak liedjes op de akoestische gitaar waarna hij die met zijn band in een reggae, een rock- en in een popballadversie speelde en al doende de meest aansprekende versie uitkoos. ‛Wat zou er gebeuren als ik dat ook op deze manier doe? Je kunt het natuurlijk zo groot en zo klein maken als je zelf wil. Daar is die mars uit ontstaan.՚ Naast een enkel thema en de nodige underscore is er tot slot nog een curieus stukje muziek: ‛We hebben alles gemaakt voor de film, zelfs de stukjes wanneer Morricone het podium opkomt. We mochten die originele muziek niet gebruiken, dus heb ik snel in mijn library gekeken of ik ook een showopkomstmuziekje had, en dat zit daar nu onder.՚

                                                                                 Willy Colombini in My name is nobody.

Wat is de rol van muziek in een documentaire als My name is nobody? ‛Die is tweeledig: aan de ene kant de kijker laten voelen dat deze in Italië is. Daarnaast ziet de kijker de film maar een keer, dus je moet hem in één keer helpen het verhaal te vertellen. En zo maak je ankerpunten, dat je even weer weet: nu gaan we mooie plaatjes kijken of we gaan weer op pad. In documentaires zie ik steeds meer de trend dat er veel gepraat en gedoe is waarna er weer een reis- of kijkmoment volgt. Dat alles is een soort dynamiek, een soort flow waarin je even adem moet halen om daarna weer informatie toegediend te krijgen waarna je weer gaat ontspannen bij wijze van spreken. Dat is anders bij een speelfilm waar natuurlijk ook verschil zit, maar dan tussen actie en niet-actie momenten. In principe maak je minder muziek voor een documentaire.՚ Is de aanpak bij een speelfilm anders dan bij een documentaire? ‛Bij een speelfilm ben ik eerst altijd bezig met de functie van muziek: moet het iets vertellen over een karakter of over de omgeving of over een mysterie dat misschien ergens achter schuilt? Dat vergt een hele andere aanpak, want je moet er toch veel meer op letten dat je het verhaal mee vertelt of misschien wel tegenwerkt. Maar ik vind beide leuk om te doen.՚

Bladmuziek

Niet alleen op Spotify kan van de muziek worden genoten. Het hoofdthema uit de film wordt ook op bladmuziek uitgebracht. ‛Ik heb Paul Ruven en Denise voorgesteld om dit thema op bladmuziek in de filmhuizen aan te bieden op de dag dat de film in Nederland in roulatie gaat. Er is nog iets: in de week dat ik dit thema aan het componeren was, overleed mijn moeder. Op haar begrafenis heb ik het gespeeld, dus het is ook een ode aan mijn moeder. Ik breng het ook uit als PDF op Facebook.՚

Koning werkt momenteel aan de muziek voor enkele films en een tv-serie. Eerder dit jaar won hij de Buma Award voor beste filmmuziek, en wel voor de film Bezness as Usual van Alex Pitstra. Wat voor gevolgen heeft zo’n prijs? ‛Alles praat iets makkelijker. Het is altijd handig als iemand anders gezegd heeft dat je goed bent dan dat je het zelf moet doen. Deuren gaan iets makkelijker op een kier. Er zijn veel film-componisten, dus je moet er een hoop voor doen om te zorgen dat je boven komt drijven.՚ Wil Koning ook in het buitenland werken? ‛Ja, mijn ambitie is eindeloos. Ik heb soms wel eens het idee dat ik na al die jaren eindelijk echt weet wat ik wil, namelijk veel memorable melodies schrijven. Ik ga er nog even niet vanuit dat men mijn muziek gaat blokfluiten op lagere scholen.՚

Paul Stevelmans