• darkblurbg
  • darkblurbg
  • darkblurbg

INTERVIEW MET MARC LIZIER

OP DE GRENS VAN GELUID EN MUZIEK - Een van de meest spraakmakende documentaires van Nederlandse bodem was afgelopen jaar Instant Dreams van Willem Baptist. De film die onlangs in roulatie ging wordt allerwegen vergeleken met een LSD-trip vol uitbundige, hallucinerende beelden. Voor de kleurrijke documentaire schreef Marc Lizier muziek die uit een mix van klassieke score tot elektronische soundscape bestaat. Naast componist van muziek voor veelal documentaires werkt Lizier ook als geluidsontwerper. Zijn nieuwe film in die laatste functie is My name is nobody die binnenkort in de filmtheaters te

Hoe zou Marc Lizier (1979) de kijker aanraden Instant Dreams te gaan zien of – beter nog – te beleven? ‛Gewoon als een trip zullen we maar zeggen: kopje onder en kijken en luisteren. Als je heel erg probeert te rationaliseren en te begrijpen of wanneer je elk verband wilt gaan leggen, dan wordt het er veel minder leuk van.՚ Willem Baptist voert in zijn eerste lange film een groep wetenschappers op die een poging waagt om het Polaroid-principe te ontrafelen. Hij volgt de wetenschappers alsook enkele amateurfotografen die nog beschikken over de laatste polaroidfilms, met als resultaat fraaie afbeeldingen en meanderende soundscapes die de soms overweldigende beelden trefzeker begeleiden.

Wat voor muziek wilde Baptist? ‛Hij steekt niet onder stoelen en banken dat hij niet bescheiden is. Hij zet hoog in en gebruikt alle bijbehorende termen: groots, episch, meeslepend, memorabel. En dat zie je ook wel aan de film. Het is natuurlijk allemaal heel groot en veel en druk, daar gaat hij voor. Hij is dol op Star Wars en andere sciencefictionblockbusters uit de jaren ’70. Hij had heel duidelijk in gedachten dat het een ode aan dat soort films moest worden.՚ Hoe heb je deze filmopdracht aangepakt? ‛Wat ik zelf het leukst vind, is om muziek te maken op basis van een gesprek en een filmplan. Dan kun je al wat dingen laten horen die aangeven welke kant je op wilt gaan. Maar daarna vind ik het fijn om in ieder geval een week te gaan rommelen en te kijken wat eruit komt, helemaal los van het beeld. In die week merk ik meestal wel of het project echt bij me past. Dus dat hebben we op die manier gedaan. Nou is het wel zo dat we ietsje eerder gingen monteren dan we gepland hadden. Een gedeelte van de muziek had ik toen klaar en een ander gedeelte nog niet. Ik vind het fijner als zeg maar tachtig tot negentig procent er al ligt dan dat je achteraf nog dingen moet gaan maken of dat je afgeleiders maakt van dingen die ze al gebruikt hebben en die we dan onder scènes leggen waar iemand al helemaal aan gehecht is. Op deze manier wordt de muziek net zoals het beeld gebruikt en daardoor wordt het een eenheid bij de montage.՚

Kader

Lizier is de afgelopen jaren volop in de belangstelling komen te staan met zijn muziek voor de documentaires A Strange Love Affair With Ego (2015) van Ester Gould en How to Meet a Mermaid (2016) van Coco Schrijber. Voor beide scores kreeg hij een nominatie voor een Gouden Kalf, een unicum voor een componist van documentaires tussen allemaal componisten van fictiefilms. Ook voor deze films schreef Lizier de score grotendeels voordat werd begonnen met het monteren. ‛Ik kreeg dan wel eens een telefoontje vanuit de montage: we hebben dit en dat nodig, kun je daar eens naar kijken? Maar ook bij die films was tachtig tot negentig procent gereed bij het begin van de montage.՚ Deze werkwijze wijkt nogal af van de praktijk bij speelfilms, waar de componist in de regel componeert met de vers gedraaide beelden voor ogen. ‛Ik vind het jammer dat het zo gaat. Ik denk dat je met een hoop vrijheid op hele bijzondere dingen kunt komen. Als je iets moet maken met een vastomlijnd kader, waarbij duidelijk is wat het moet zijn, beperkt dat je in je vrijheid. Dat heeft voor- en nadelen en dan is het afhankelijk van de componist waar hij zich prettig bij voelt.՚

                                                                                                 Instant Dreams.

In Instant Dreams lijkt de muziek vaak een overgang van de ene naar de andere scène te vormen. Lizier beaamt dit met een voorbehoud: ‛Het is echter niet zo dat er heel veel bruggetjes in zitten. Wat je ook wel eens bij documentaires hebt, is dat er kleine stukjes muziek zijn om hoofdstukjes te maken. Dat is hier toch wel anders. Hier verbindt het meer de gevoelens die de mensen hebben bij polaroidfotografie, dus je gaat van de een naar de ander met een zelfde gevoel.՚ Een ander opvallend kenmerk van de score is de zang die af en toe weerklinkt. ‛Helemaal in het begin hebben we het gehad over een koor net zoals dat Willem een groot orkest wilde dat helemaal past bij de epische scores van de films die hij zo mooi vindt. Dat is natuurlijk amper te doen in Nederland met de budgetten waarmee je werkt. Dus dat worden dan toch gedeeltelijk samples en daaroverheen wat solostrijkers die je dan dubbelt en dat is inderdaad ook met de zang op die manier gedaan. Die is eigenlijk als een soort solo-instrument ingezet bovenop de score.՚

Het rustige, vrij serieuze karakter van deze score wordt een enkele maal doorbroken door korte muziekstukjes met een tweekwartsmaat die uit de toon vallen. ‛Kijk, eigenlijk zijn het allemaal manieren om te vervreemden. Het is best vreemd als je ziet hoe groot de wereld van polaroid wordt als je erin duikt en hoever je daarin kunt doorschieten. Misschien is het wel heel goed dat die mensen in het lab proberen weer een formule te vinden, maar dan volgt er opeens een scène met een foto van dr. Land, de grondlegger die daar als een soort god hangt, en daarnaast hangt een foto van een pin-up terwijl die mannen daar hun polaroidfoto’s testen. Het heeft allemaal iets absurdistisch.՚ Werken die soms wezensvreemde scènes ook meer dan eens op de lachspieren? ‛Ja, en volgens mij is het ook goed dat je in de muziek in ieder geval de humor zou kunnen laten horen, wat we daarom gedaan hebben zodat het niet één constante, serieuze laag is. Een fris element dus.՚ Een kenmerk van veel speelfilms is dat tegen het einde de muziek in omvang toeneemt. Ook in Instant Dreams gebeurt dat, plus dat de score hier iets meer melodie krijgt. ‛Klopt,՚ aldus Lizier, ‛ook in deze film worden diverse verhaallijnen afgerond en zo naar een emotioneel hoogtepunt getild. Voor deze momenten heb ik een vrij lang stuk muziek gemaakt. Kort daarop, onder de aftiteling, ligt er ook een lang stuk muziek, minder emotioneel maar vooral met veel energie. Ik vind dat een mooi stuk geworden en natuurlijk zou ik wel willen dat iedere bezoeker pas opstaat als dat samen met de film helemaal is afgelopen, maar dat zie je weinig gebeuren omdat veel mensen hun jas aandoen zodra ze – van welke film dan ook – de aftiteling zien.՚

                                                                                                  Instant Dreams.

Heb je nog samengewerkt met Ranko Paukovic die het geluidsontwerp deed? ‛Jazeker. Wij hebben eerder samengewerkt aan andere projecten maar nog nooit een credit gedeeld voor geluidsontwerp of mix. We hebben wel samengewerkt aan films waarvan we beiden een gedeelte van de geluidsmontage deden. We hebben van een bijna affe versie een viewing gehad in een bioscoop waarbij nog van alles besproken en aangepast kon worden. Wat ik hem heb aangeleverd zijn wat losse elementen om mee te schuiven zoals strijkers en percussie om er een geheel van te maken. Er was dus sprake van een samenwerking, maar het was niet zo dat we dagen met zijn tweeën hebben zitten puzzelen om het allemaal tot een geheel te krijgen.՚

Grens

Waar ligt je hart meer, bij muziek of geluidsontwerp? ‛Dat weet ik eigenlijk niet. Vooral de combinatie vind ik heel erg leuk. Soms is de grens erg vaag. Ik zit dan met atmosferen met allerlei vervreemdende tonen die onder geluid zouden moeten vallen, maar die eigenlijk hetzelfde werken als strijkers. Wat ik merk is dat mensen veel makkelijker op muziek reageren. Hoe moeilijk het ook is om erover te praten, het is bij een film achteraf toch wel makkelijker te benoemen. Geluid of geluidsontwerp, daar word je toch onmerkbaarder in meegenomen, ook omdat er niet zoveel bekend over is. Het staat niet op iTunes, waardoor het niet iets is wat je leert op die manier te beoordelen. Dat is met muziek wel zo, dat is een stuk explicieter, wat ik heel fijn vind. Ik heb in het verleden een paar keer projecten gedaan, waarbij ik zowel de muziek als het geluidsontwerp deed. Dat is samen heel veel, maar ook dat is interessant, als je de tijd hebt natuurlijk. Ik zou dat graag weer willen doen.՚

De score voor Instant Dreams is een grotendeels elektronische aangelegenheid. Lizier maakte daarnaast ook gebruik van akoestische instrumenten zoals de cello, de viool, de elektrische gitaar en de klarinet. Wie bespeelde de instrumenten? ‛Ik heb een klein groepje mensen om me heen, waar ik vaker mee samenwerk en die bij de meeste projecten terugkomen. Bijvoorbeeld Bas van Waard, die speelt al jaren de cello en dat zijn altijd hele leuke sessies. Het lijkt me interessant om een keer met een orkest te werken, maar dan moeten de budgetten echt flink omhoog. Ik heb wel eens offertes in Oost-Europa opgevraagd, want daar zou het goedkoper zijn. Maar dan nog jaag ik daar in één ochtend de helft of driekwart van het budget erdoorheen.՚ Zou een speelfilm ietsje meer mogelijkheden bieden? ‛Ja, maar het is ook net waar je op inzet. Het totale budget voor een speelfilm is natuurlijk veel hoger. Het gedeelte wat je krijgt voor de muziek is ook meer. Dus je mogelijkheden zijn wat dat betreft een stuk ruimer. Ik weet niet of dat ooit gaat veranderen. Ik denk het eigenlijk niet, tenminste niet snel.՚

Zou je ook voor speelfilms willen werken? ‛Ja, ik heb ook wel eens een speelfilm gedaan, samen met iemand anders overigens, en dat was erg leuk om te doen. Waar ik wel van houd zijn langlopende projecten waar je echt je tanden in kunt zetten, het liefst een paar maanden. Daar zijn speelfilms wel heel erg geschikt voor. Met een documentaire moet je er ook wel weken in stoppen, maar zoals ik zei, het budget is bij een speelfilm veel hoger. Daarmee kun je ongetwijfeld meer tijd in het componeren stoppen.՚ Helpt het als je twee jaar op rij een nominatie voor een Gouden Kalf hebt gekregen om makkelijker opdrachten voor een speelfilm te krijgen? ‛Dat weet ik niet. De meeste regisseurs willen uiteraard zekerheid hebben. Dus als je twee keer genomineerd bent, dan heb je dat in huis zou je kunnen zeggen.՚ Merk je iets van een toegenomen naamsbekendheid dankzij de nominaties? ‛Ja, ik merk dat mensen die ik al een tijdje ken of waar ik ook wel eens mee heb samengewerkt nu naar mij toekomen en zeggen: o, heb jij die muziek gemaakt? Ik wist helemaal niet dat jij muziek maakte. Dat is ook best grappig. Nou merk ik wel dat ik heel erg graag voor de projecten ga waar ook echt ruimte is voor experimenten. Ik ben ook wel eens gevraagd voor dingen die al bijna klaar waren of waarbij de ideeën al vast stonden. Dat is dan toch iets wat ik liever niet doe.՚

                                                                                                    Marc Lizier in zijn studio.

Meer nog dan met muziek is Lizier de afgelopen vijftien jaar druk geweest met alles wat met geluid te maken heeft: monteren, ontwerpen evenals mixen van geluidsopnamen. Net als in How to Meet a Mermaid bevat de muziek van Instant Dreams regelmatig muzikale geluiden of effecten. ‛Het grootste gedeelte van mijn tijd doe ik geluidsontwerp en mixage van films. Er is natuurlijk een overlap van vakgebieden tussen geluidsontwerp en muziek. Juist dat grensvlak vind ik heel erg interessant, waarbij je eigenlijk niet precies weet of het nu om een geluid uit de film ging of dat het een cello was die je hoorde. Om dat dichtbij elkaar te krijgen en te verweven zodat dingen niet zo los van elkaar komen te staan maar juist één geheel worden, daar speel ik graag mee.՚ In de filmmuziek van de laatste twintig jaar is dit samengaan van geluiden en muziek steeds meer een trend geworden onder componisten. ‛Ja, zeker weten. Dat heeft natuurlijk ook te maken met alle software waarmee we nu werken.՚

Rome

Voor de documentaire My name is nobody van Denise Janzée heeft Lizier het geluidsontwerp gedaan. De film is opgenomen in de wijk Trastevere in Rome. Waarin be-stond dit ontwerp precies? ‛Wat interessant is om te weten is dat met een microfoon en af en toe een zender erbij het geluid is opgenomen. Ik heb heel veel sfeer toegevoegd en allerlei libraries uit Italië en Rome gebruikt. Vervolgens heb ik in de ruwe opnamen gezocht naar geluiden die ik heb gedubbeld en naar achteren verplaatst in de ruimte om zo het gevoel te krijgen dat je ook echt daar bent. Trastevere is feitelijk een klein dorp binnen Rome waar het grootste gedeelte van de film zich afspeelt. Daar moet je wel landen, zal ik maar zeggen. Het moet niet zo zijn dat je daar tegenaan blijft kijken. Hier lag eigenlijk de grote uitdaging van deze film. Ik heb wel eens gedacht: als het een speelfilm was geweest, zou ik erheen vliegen om nog extra opnamen te maken.՚ Voor deze documentaire schreef Renger Koning de originele muziek. Verder was er ook de nodige source music. ‛De vraag is dan: wanneer duik je in de muziek en wanneer niet en logisch is dat muziek en geluid wel eens door elkaar heen lopen natuurlijk. Soms stipten we liever iets met muziek aan en op die punten wilden we dan juist geen geluid. De muziek vond ik erg mooi, ook die van Morricone. We zijn met zijn allen naar het concert van Morricone in Rotterdam geweest.՚

Klink Audio heet het bedrijf van Lizier en zijn kompaan Paul Gies. Sinds wanneer is hij hier werkzaam? ‛Het bedrijf is in 1997 opgericht, ik ben er vijf jaar later bijgekomen. Ik zit hier nu dus vijftien jaar. In onze opnamestudio kunnen stemmen en solo-instrumenten worden opgenomen. Het is vooral audio-postproductie wat we doen, we hebben verder een montageset en een grote mixruimte.՚ Werken jullie ook met externe krachten? ‛Ja, als we het druk hebben, en dat is nogal vaak, dan hebben we er freelancers bij. Soms komen die hier werken of ze werken in hun eigen studio. We hadden onlangs twee speelfilms en vier documentaires tegelijk, dat was echt een hele drukke periode, dan werken er allemaal mensen mee.՚ Werken jullie ook voor buitenlandse producties? ‛Ja, via de Incentiveregeling zijn allerlei coproducties mogelijk, dus daar doen we graag aan mee. De mensen die uit het buitenland hier komen, doen dat vaak om financiële redenen. Dan kom je met nieuwe mensen in aanraking en vaak is dat hartstikke leuk en gaan die samenwerkingen heel erg goed. Er zijn ook wel eens grote verschillen, zelfs tussen Nederland en België.՚ Ligt daar ook een ambitie in de toekomst, meer werken in het buitenland? ‛Ja, dat zou heel goed kunnen. Als er een mooi project is maakt het helemaal niet uit vanuit welk land dat gebeurt. Zo hebben we anderhalf jaar geleden een Belgische film gemixt met Franstalige acteurs. De stemmen zijn dan anders net als de taal, het is heel fijn om zoiets te doen. Dat geldt ook voor Belgische geluidsmensen waarvan je dan ook weer ziet hoe zij werken. Dan valt je op dat er kleine cultuurverschillen zijn, waar je even op moet letten.՚

Marc Lizier heeft een website waar muziek van zijn hand kan worden beluisterd: marcliziermusicforfilm.com. De muziek van Instant Dreams kan ook op Spotify worden beluisterd.

Paul Stevelmans